| |
|
|
|
| |
| |
|
|
| |
|

CIRCLES
Young-Hee
Kim sopraan
Joan Berkhemer viool
Nadia David cello
Gabi Pivon fluit
Alexei Ogrintchouk hobo
Reinild Mees piano
Mirjam Grote Gansey decor
|
|
|
| |
|
| |
|
Zes
kamermusici ‘from all over the world’ (Korea/Spanje,
Roemenië, Hongarije, Rusland, Nederland) vinden elkaar
in dit programma, waarbij ieder een componist uit zijn/haar
geboorteland meebrengt. Zij spelen in een steeds wisselende
bezetting, in een speciaal ontworpen decor. Het thema
‘Circles’ wordt zowel inhoudelijk als visueel
uitgebeeld. De musici vormen met elkaar een kring en spelen
in een cirkelvormige opstelling, waarbij het podium op
verschillende manieren wordt bespeeld. Het programma wordt
geopend met de compositie ‘Círculo’
van Joaquin Turina, daarna volgen werken van Isang Yun,
Dmitri Sjostakowitsj, Leo Smit, Alphons Diepenbrock, György
Kurtág, Antal Doráti, Georges Enescu, Joaquin
Rodrigo en Manuel de Falla.
Repertoire
Joaquin Turina – Círculo voor viool, cello
en piano
Isang Yun - lmages voor fluit, hobo,viool en cello
Dmitri Sjostakowitsj – Romanzensuite (Alexander
Blok) voor sopraan, viool, cello en piano
pauze
Leo Smit – Suite voor hobo en cello
Alphons Diepenbrock – Hymne voor viool en piano
György Kurtág – Kafka-Fragmente voor
sopraan en viool (selectie)
Antal Doráti – Cinq Pièces voor hobo
solo
Georges Enescu – Cantabile & Presto voor fluit
en piano
Joaquin Rodrigo – Dos Poemas de Juan Ramón
Jiménez voor sopraan en fluit
De Falla – Psyche voor sopraan en 5 instrumenten
Biografieën
Young-Hee Kim
Joan Berkhemer
Nadia David
Gabi Pivon
Alexei Ogrintchouk
Reinild Mees
Mirjam Grote Gansey
Na het voltooien van haar opleiding aan de Zuid-Koreaanse
Seoul National University zette de sopraan Young-Hee
Kim haar zangstudie voort aan de Escuola Superior
de Canto in Madrid bij de legendarische Lola Rodriguez
Aragon. Ze maakte haar succesvolle concert - en opera
debuut in producties waarin ook Victoria de los Angeles
optrad. Al gauw werd Young-Hee Kim een veelgevraagde
soliste in de Spaanse opera en concertzalen. Zij won
tal van prijzen op belangrijke concoursen in o.a. Geneve,
Madrid, Turijn en Londen, en zong met gerenommeerde
orkesten o.a. als het Koninklijk Concertgebouworkest,
RAI Orchestra, Orchestre de la Suisse Romande, Spaanse
Radio en TV orkest (RTVE), het Spaanse Nationale Orkest,
en het Orchestra of Barcelona, met dirigenten als Charles
Dutoit, Herbert Blomstadt, Rafael Frühbeck de Burgos,
Edo de Waart, Jean Fournet, Michel Plasson, Hartmut
Haenchen, Antoni Ros Marba, Louis Langree, Ed Spanjaard,
Julian Reynolds, Niels Muus.
Young-Hee Kim trad op in operaproducties in de Opera
de la Bastille (Parijs), de Nederlandse Opera, Teatro
de la Zarzuela (Madrid), Sevilla, Oviedo, Opera di Torino,
Opera Zuid, en was zangsoliste in uitvoeringen van het
ballet dat Rudi van Dantzig maakte op "Die vier
letzte Lieder" van Richard Strauss, in het Grand
Théatre de Genève en Aalto Opera (Essen).
Door haar bijzondere muzikale flexibiliteit is Young-Hee
Kim ook vaak te horen als recitalzangeres en in kamermuziek.
Zo heeft ze regelmatig opgetreden met het Cello Octet
Conjunto Iberico tijdens het Rostropovich Festival in
St. Petersburg, in het Noorse Bergen Festival, het Spaanse
Cadiz (Manuel de Falla Festival), het Pablo Casals Festival
en cello festivals in Beauvais, Toulouse en Warsawa.
Recentelijk werd met het Cello Octet Conjuncto Iberico
een CD opgenomen gewijd aan Spaanse muziek. Door haar
grote affiniteit met de Spaanse taal en cultuur en warme
persoonlijkheid is Young-Hee Kim een belangrijke vertolkster
van het Spaanse repertoire. Recent heeft Young-Hee Kim
met het Barok ensemble Musica ad Rhenum onder leiding
van Jed Wentz opnamen gemaakt van Mozart’s "Mitridate"
en "Muziek op een statig huis" (kasteel Amerongen).en
ook “Dido and Aeneas “ van Purcell. Recent
zong ze in de wereldpremiere van de opera “De
Satansfles” onder leiding van Niels Muus waarin
Young-Hee Kim haar grote affiniteit met modern repertoire
liet blijken. Onlangs, tijdens het Holland Festival
2005, zong zij een van de drie hoofdrollen bij De Nederlandse
Opera in ‘Rage d’amours’ en de ‘McGanagall
Lieder’ van Rob Zuidam.
|
|
|
|
Joan
Berkhemer (1951) is een veelzijdig musicus.
Hij is violist, componist en dirigent. De viool staat
echter centraal in Berkhemer’s muzikale leven. Als
solist en kamermuziekspeler heeft hij een internationale
reputatie. Hij won een aantal nationale en internationale
prijzen w.o. de 1ste prijs Oscar Back concours,de Prix
d‘excellence en 1ste prijs Kamermuziek Concours
Colmar. Als solist trad hij op met het Koninklijk Concertgebouw
Orkest, het Rotterdams Philharmonisch Orkest, het Nederlands
Kamerorkest, alle orkesten van de Nederlandse Omroep,de
meeste provinciale orkesten en een aantal buitenlandse
orkesten waaronder het Festivalorkest van Louisville (USA)
het Radio Orkest van Saarbrücken en Camerata Bern.
Hij voerde vioolconcerten uit van Walton, Berwald, Goldmark,Berg,Bartok.
Stravinsky, Szymanovski, Brahms, Mendelssohn, Beethoven,Bruch,Rawsthorn,
Dvorak e.v.a.
Samen met pianiste Klara Würtz en celliste Nadia
David vormt hij het Klaviertrio Amsterdam en maakte daarmee
vele tournees door Europa, Noord en Zuid Amerika, Israel
en Indonesië.
Hij heeft een aantal CD’s gemaakt voor Erasmus en
Donemus, o.a. het vioolconcert van Keuris samen met het
Radio Philharmonisch Orkest en de pianotrio’s van
Mendelssohn met het Klaviertrio Amsterdam.
Joan Berkhemer componeerde genrestukken voor viool en
cello, kamermuziek, liederen, werken voor symfonieorkest,
een operette op tekst van Lodewijk de Boer, drie vioolconcerten,
filmmuziek (o.a. bij “Bos partizanan” en “Lijmen
het been”), bewerkingen voor strijkorkest van pianosonates
van Beethoven(op.111) en van de Lisztsonate.
Deze laatste werken werden in première gebracht
door Camerata Bern in 1992.
Dit beroemde ensemble nam de "Lisztsonate" in
datzelfde jaar mee op tournee door Noord-Amerika en Canada,
met als hoogtepunt een zeer succesvolle uitvoering in
de Carnegie Hall te New York.
In 1995 maakte Joan Berkhemer zijn opmerkelijk debuut
als dirigent bij de Italiaanse Opera van Amsterdam met
10 uitvoeringen van “Cavalleria Rusticana”en
“I Pagliacci”. Vanaf dat moment is hij een
veelgevraagd dirigent, met een grote affiniteit voor opera
en het klassieke en (laat)romantisch repertoire.
|
|
Celliste
Nadia David werd geboren in Boekarest, Roemenie.
Ze begon al vroeg met haar cellostudie aan het muzieklyceum
"George Enescu" en later aan de Muziek Academie
in Boekarest. In 1972 emigreerde zij met haar familie
Israel waar zij verder studeerde bij professor Uzi Wizzel
aan de Ruben Academy of Music in Tel Aviv. Ze vestigde
zich in Holland in 1973 waar zij aan het Amsterdams Conservatorium
afstudeerde. Na nog een extra jaar studie bij de bekende
cellist André Navarra in Detmold (Duitsland) kreeg
Nadia in 1982 de "Prix d'Exellence"uitgereikt,
de hoogste onderscheiding van de Nederlandse regering
voor jonge solisten. Daarna volgden vele optredens in
binnen- en buitenland.
In 1983 maakte Nadia haar debuut in Amsterdam in het Concertgebouw.
Zij gaf recitals in Londen, Parijs, Spanje, Israel en
speelde vele malen voor radio en televisie. Als soliste
trad zij op bij het Radio Symphonie Orkest, het Zeelands
Orkest en andere Nederlandse orkesten. In 1987 maakte
ze haar debuut in de USA tijdens het Kentucky Summer Festival
met het celloconcert van Dvorak en Bruch's Kol Nidrei,
begeleid door het Louisville Symphony Orchestra.
Samen met violist Joan Berkhemer en pianiste Klara Würtz
richtte zij het Klaviertrio Amsterdam op. Dit zeer succesvolle
trio maakte concerttournees door Italië (Rome), Spanje
,Frankrijk, Oostenrijk (Salzburg), Duitsland, Griekenland
(Athene), Zuid-Amerika (Colombia), de USA (New York, Washington
DC) en Israel (o.a. bij het bezoek van de Nederlandse
premier aan Jeruzalem).
Het Klaviertrio Amsterdam maakte verscheidene CD's. De
CD met Mendelssohn Trio's werd door de New Yorkse criticus
Harris Goldsmith in het International Record Review verkozen
tot "the best CD of the year 2000".
Nadia was enkele jaren hoofddocente cello aan het Conservatorium
van Amsterdam.
|
|
| Fluitiste
Gabi Pivon werd geboren in 1968 en begon met
muziekonderwijs in Abony en later in Szeged. In 1986 won
ze de eerste prijs bij het nationaal concours voor houtblazers
in Györ en werd onmiddellijk toegelaten tot de Franz
Liszt Muziek Academie in Budapest. Van 1988-1990 was ze
eerste fluittist van het MAV Symphonie Orkest en vanaf
1990 van het Symphonie Orkest van de Hongaarse Radio.
Ze participeerde in diverse producties van het Budapest
Festival Orkest vanaf 1990 en werd vast lid vanaf 1992. |
| |
|
Alexei
Ogrintchouk begon op zijn zesde met pianolessen,
maar stapte al snel over op de hobo. Hij volgde lessen
aan de Gnessin College in Moskou en soleerde al op zijn
dertiende in Rusland, Europa en Japan. In 1995 werd hij
toegelaten aan het Conservatoire National Supérieure
de Musique de Paris waar hij slaagde met eerste prijzen
voor hobo en kamermuziek. Zijn docenten waren onder anderen
Maurice Bourgue, Jaques Tys en Jean-Louis Capezzali. Alexei
Ogrintchouk won verschillende prijzen, onder andere de
eerste prijs in de International Geneva Contest (1998).
Hij kwam in oktober 1999 naar Nederland voor een baan
als eerste solohoboïst van het Rotterdams Philharmonisch
Orkest. In 2002 won hij in Frankrijk twee Victoires de
La Musique: de publieksprijs en de prijs voor de ‘buitenlandse
artiest van het jaar’. Sinds augustus 2005 is hij
solohoboïst van het Koninklijk Concertgebouworkest.
Alexei Ogrintchouk combineert zijn orkestbaan met diverse
andere activiteiten. Als solist werkte hij met dirigenten
als Kent Nagano, Iván Fischer, Michel Plasson,
Daniel Harding, Lev Markiz en Fabio Luisi. Hij speelde
kamermuziek met onder anderen Gidon Kremer, Thomas Quasthof,
Radu Lupu, Yean-Yves Thibaudet, Maurice Bourgue en Sarah
Chang. Alexei Orgrintchouk doceert aan de Royal Academy
of Londen en aan het Rotterdams Conservatorium. Vlak na
zijn aantreden bij het Koninklijk Concertgebouworkest
werd hij door de BBC geselecteerd als New Generation Artist.
In de seizoenen 2005-06 en 2006-07 zal hij in die hoedanigheid
als solist optreden met alle orkesten van de BBC.
|
|
| |
Na
haar opleiding bij Gérard van Blerk(Amsterdam)
Noël Lee(Parijs) en Malcolm Frager(USA) concentreerde
de Nederlandse pianiste Reinild Mees zich
op het begeleiden van zangers en instrumentalisten in
recitals. Ze treedt veelvuldig op, ook in radio- en televisieuitzendingen.
Naast het begeleiden van masterclasses van zangers als
Elisabeth Schwartzkopf, Irmgard Seefried en Galina Vishnyevskaya
speelde ze ook vaak als begeleidster bij internationale
competities zoals bijvoorbeeld het Koningin Elisabeth
Concours te Brussel.
Als vocal coach gaf Reinild les op het Conservatorium
van Amsterdam, het Europese Centrum voor Opera en Vocale
muziek te Gent, de Opera Studio Nederland en aan de faculteit
muziek van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht.
Voor het platenlabel Channel Classics maakte Reinild Mees
een tiental CD’s met liederen van Robert Schumann,
Franz Schreker, Ottorino Respighi en Karol Szymanowski,
waarvoor zij zeer lovende recensies van internationale
muziekbladen als Gramophone, Fono Forum, Musica en Luister
kreeg. In 2004 ontving zij de Szymanowski - Award en de
onderscheiding "Merit of Polish Culture" voor
haar initiatief tot het uitbrengen van de 'Complete Songs'
van Karol Szymanowski op CD. Recentelijk werden de Szymanowski
cd's bekroond met de FRYDERYK AWARD, de meest prestigieuze
muziekprijs in Polen voor de beste opname van Poolse muziek
in 2004.
In 1998 richtte de pianiste de Stichting Het 20ste-eeuwse
Lied op, om het vocale oeuvre van “vergeten”
liedcomponisten uit de vorige eeuw weer onder de aandacht
te brengen. Als artistiek leidster van deze stichting
stelt zij programma’s samen onder de titel ‘Spotlights’.
In deze programma’s wordt steeds een specifiek onderwerp
belicht. Bijvoorbeeld een componistenportret, een schrijver
wiens werken door verschillende componisten zijn getoonzet
of een theatraal thema. Het zijn als het ware geïllustreerde
recitals, waarin telkens een visueel element, regie, declamatie
of een mondelinge toelichting de muziek ondersteunt. Het
repertoire wordt gevormd door liederen, meestal uit het
interbellum, die worden uitgevoerd door gerenommeerde
zangers.
|
|
|
De
decor- en kostuumontwerpster Mirjam Grote Gansey
heeft vele theater-, opera-, dans-, film- en televisieproducties
op haar naam staan. Zo ontwierp zij voor klassiek toneel
zoals Racine’s Phèdre en Andromaque,
Ibsens’ Wanneer wij doden ontwaken, Vrouw
van de Zee en Spoken, Tjechovs Kersentuin
en Drie Zusters, Vondels Gijsbrecht van Aemstel
en Groot en Klein van Botho Strauss, ook voor
dans en film, zoals George’s Day Out en
De Feeks en de films de Vuurtoren van
Pieter Verhoeff en Walden van Lodewijk de Boer.
Onder de opera’s die zij heeft vormgegeven behoren
Woutertje Pieterse van Konrad Boehmer, Orfeo ed Euridice
van Gluck, Mahagonny van Weill, der Fliegende
Hollander van Wagner, Rusalka van Dvorak,
Creon van Huub Kerstens en recentelijk Bonifacius
en Pelléas et Mélisande. Zij ontwierp
decors voor grote spektakels, zoals voor de opening van
het Luxortheater in Rotterdam, en ook theatrale kunstwerken,
installaties en entreehallen. Op de prestigieuze Quadriënnale
van Praag won zij de Gouden Medaille voor haar werk.
Mirjam Grote Gansey doceert aan verschillende academies
in Nederland en Belgie. |
| |
| |
|
terug
naar boven |
|
|
| |
|
|
|
|
|